Rijpe volwassenheid: tussen 50 en 65

De fase waarin al dan niet doelstellingen bereikt worden: kinderen volwassen, kinderen uit huis, bekroning op inspanning en werk, kosten nemen af, meer tijd en financiën voor eigen behoefte of voor de partners samen. De levenswijsheid is toegenomen, de bewijsdrift is afgenomen. Het is de fase waarin niet meer vol gas gegeven hoeft te worden, maar waarin vooral wijsheid, beschouwende waarden, inspiratie en relativering wordt beleefd en kan worden doorgegeven aan de jongere generaties.

Kenmerkende hulpvragen: kom ik nog aan ander werk, ik zie op tegen de dag, we zitten elkaar in de weg, wat heeft het leven nog voor zin, het ziekenhuis kan mijn lichamelijke klachten niet verklaren, ik houd het niet meer vol, ik voel me alleen.